Rotterdam in het olietijdperk 1862 – vandaag

Rotterdam viert dit jaar de wederopbouw van de stad. Olie speelde daar een grote rol in. Zonder het ‘zwarte goud’ was Rotterdam in 1962 nooit de grootste haven van de wereld geworden. Maar al voor de Tweede Wereldoorlog veranderde olie de wereld en dus ook Rotterdam. De tentoonstelling Oliedam kijkt naar de vele manieren waarop olie de stad en de Rotterdammers heeft gevormd sinds het eerste vaatje in 1862 vanuit Amerika de haven bereikte.
Olie en de uitbreiding van de haven gaan hand in hand. De eerste vaatjes worden nog in het centrum opgeslagen, maar als de uiterst brandbare eigenschappen doordringen, wordt een nieuwe olieopslag in het dan nog vrijwel ongerepte zuid gebouwd. Vandaar trekken olieverwerkende industrie en de haven steeds verder naar het westen: Charlois, Pernis, Botlek, Europoort en Maasvlakte.

Ook in de stad zelf is de invloed van olie overal zichtbaar. Letterlijk in de benzinepompen en imposante hoofdkantoren van de oliemultinationals, maar ook in de invloed van het autoverkeer dat zeker in de wederopbouw ruim baan krijgt. Olie dringt ook in het dagelijks leven overal door. Eerst in verlichting en kookstellen, later in de sterk toegenomen mobiliteit. Ondertussen hebben de oliemerken met speelgoed en andere reclameartikelen onze huizen veroverd.   De oliewelvaart heeft zijn prijs. Het autoverkeer eist steeds meer asfalt om niet vast te lopen. De macht van de oliemultinationals roept vragen op. De voorraden zijn eindig en het milieu staat zwaar onder druk. Het olietijdperk lijkt op zijn einde te lopen. Wat betekent dit voor Rotterdam en zijn haven? Tot en met 2 oktober in Museum Rotterdam. Beeld: Kunst & Vaarwerk: Hans Citroen, Willem van Drunen en Cor Kraat.

Reageer op dit artikel
Meer van Redactie Pluswijzer

Interessante rondleiding door Fort bij Krommeniedijk

Op zaterdag 25 januari is er een rondleiding door het imposante Fort...
Lees meer