75 jaar bevrijding: de strijd om de Wadden

Deel 1: De slag om Delfzijl

In het kader van 75 jaar bevrijding wordt in heel Nederland dit jaar extra aandacht besteed aan de Tweede Wereldoorlog. Het aantal mensen dat de oorlog bewust heeft meegemaakt, neemt in rap tempo af. Juist daarom is het belangrijk om juist nu hun verhalen op te tekenen en de tastbare herinneringen aan de oorlogsperiode veilig te stellen voor de toekomst. Van de verschrikkingen die zich destijds in ons land hebben afgespeeld, hebben velen nauwelijks enig besef. Dat het een zware en angstige tijd moet zijn geweest, is bij velen wel bekend, maar wat gebeurde er nu precies in de periode 1940-1945 en hoe hebben onze voorouders dat ervaren? Verslaggever Raimond Bos reisde af naar het Waddengebied om daar de overblijfselen van de Tweede Wereldoorlog te aanschouwen en zich een beeld te vormen van de gruwelijke taferelen die zich daar hebben afgespeeld. Want terwijl vrijwel heel Nederland al was bevrijd, waren de Waddeneilanden pas ver na 5 mei aan de beurt. Al die tijd hielden Duitse soldaten het gebied nog bezet. In een serie van drie verhalen wordt de strijd om de Wadden (#strijdomdewadden) belicht. Vandaag deel 1, de delen 2 en 3 verschijnen 8 en 22 april op deze site.

Rechts de bunker met het luchtafweergeschut en links de munitiebunker bij het Groningse Fiemel.

Menig Nederlander zal de schouders ophalen bij het horen van de plaatsnaam Fiemel en heeft geen idee waar zich dit gehucht precies bevindt. Maar hoe klein ook, Fiemel was van grote betekenis in de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog, al was het maar omdat zich hier het grootste luchtafweergeschut in ons land bevond. Een imposante replica op het dak van een bunker toont sinds 2019 hoe dat eruit heeft gezien. Een installatie van ongeveer twaalf meter hoog, waarmee destijds menig granaat op de geallieerde luchtvloot werd afgevuurd. De Duitse havenstad Emden ligt op zeer geringe afstand van Fiemel en was voor de Britten een geliefd doelwit om te bombarderen. De bouw van het bunkercomplex bij Fiemel was voor de Duitsers dan ook een zeer strategische keuze, bedoeld om Emden te kunnen beschermen. De bunker, waarop het luchtafweergeschut werd geplaatst, staat direct achter de dijk die het Groningse vasteland scheidt van de Waddenzee. Het bouwwerk, voorzien van metersdikke wanden, kende destijds een bemanning van honderd soldaten.

Zo zaten de soldaten er destijds bij tijdens hun verblijf in de bunker. 

Duitsers, maar ook Russen, die zich als vrijwilliger bij de Duitsers hadden gemeld. Na de oorlog is deze geschutsbunker overigens dichtgemetseld. Jarenlang werd er niet naar omgekeken, maar uiteindelijk is dat metselwerk weer verwijderd en werd het bouwwerk opengesteld voor publiek. Direct achter de bunker staat een tweede bunker, die als munitiedepot werd gebruikt. Hier konden 3100 granaten worden bewaard. Oorspronkelijk telde het bunkercomplex bij Fiemel nog meer bouwwerken, maar die werden weer afgebroken. De munitiebunker is niet toegankelijk voor het publiek, omdat deze bunker wordt ingericht als verblijfsruimte voor vleermuizen. Maar de geschutsbunker kan worden bezichtigd, om een indruk te krijgen van de omstandigheden waaronder de Duitse soldaten destijds moesten leven en werken.

In de bunker zijn diverse aquaria te zien met daarin vissen die voorkomen in het Waddengebied. 

Ten westen van Fiemel ligt de dorpskern Termunterzijl, onderdeel van de gemeente Delfzijl. Op zondag 29 april 1945 bereikten de Canadezen dit Groningse dorp. Er werd een verkenning uitgevoerd en als snel werd duidelijk dat het een lastige klus zou worden om dit deel van het land te bevrijden, gezien het feit dat er in het weidse boerenland bijna nergens objecten waren om dekking achter te kunnen zoeken. Ongeveer zeshonderd granaten zijn er een dag later afgevuurd. Boeren uit deze streek hebben later verklaard dat het leek of alles er in de fik stond. Pas vrij recent is nieuwe informatie boven water gekomen waaruit blijkt dat niet alleen de Canadezen, maar ook de Britten op deze locatie hebben gevochten voor onze vrijheid. Het bezichtigen van de nog resterende bunkers bij Fiemel kan overigens uitstekend worden gecombineerd met een bezoek aan het bezoekerscentrum Dollard, waar een mooie expositie is ingericht over de historie van dit unieke natuurgebied. De Dollard is de zeearm op het grensgebied van Nederland en Duitsland, een oase van rust waar natuurliefhebbers hun ogen goed te kost kunnen geven. Er is een speciale muur met kijkgaten om (van mei tot september) zeehonden te kunnen spotten en op de bovenste verdieping van het bezoekerscentrum is een uitkijkpost met telescoop om de aanwezige water- en weidevogels mee te kunnen observeren. Tegenwoordig is de Dollard ongeveer honderd vierkante kilometer groot, maar in de middeleeuwen was de omvang minstens drie keer groter. Dijkdoorbraken hebben ervoor gezorgd dat ongeveer vijfendertig dorpen uiteindelijk in zee verdwenen. Duizenden mensen kwamen tijdens dergelijke overstromingen om het leven. Ook over deze strijd tegen het water is in het bezoekerscentrum veel informatie te vinden.

Het Muzeeaquarium: de bunker aan de dijk in Delfzijl, met daarachter het museum.

Reizen we verder naar het westen, dan bereiken we de stad Delfzijl. Ook hier is nog één bunker te vinden van de velen bunkers die er destijds stonden. Over deze bunker heen werd een museum gebouwd, maar een verbreding en verzwaring van de ernaast gelegen dijk maakte verplaatsing van het museum noodzakelijk. Nu staat het op enkele meters afstand van de bunker zelf. In het museum wordt het verhaal van de slag om Delfzijl verteld, waarbij door de Duitse soldaten met een fosforkanon op de Canadese militairen werd geschoten. Desondanks slaagden de Canadezen erin om de ongeveer honderd Duitse soldaten krijgsgevangen te maken. In hun barakken werden machinegeweren aangetroffen, die goed van pas kwamen om de Duitse troepen aan te vallen die vanuit het centrum van Delfzijl de tegenaanval wilden inzetten. Uiteindelijk gaven 1300 Duitse soldaten zich hier over. Een Canadese veteraan heeft jaren later verklaard dat de gevechten bij Delfzijl de zwaarste waren geweest waarin ze ooit terecht waren gekomen. De bunker bij Delfzijl wordt tegenwoordig overigens gebruikt om een aantal aquaria te huisvesten. In dit ‘Muzee Aquarium’ staan diverse bakken waarin vissen te zien zijn die in de Waddenzee voorkomen. Het museum zelf heeft overigens nog veel meer te bieden, van geologie en archeologie tot historie van de scheepvaart, inclusief een aantal schaalmodellen van schepen met de bijbehorende informatie. Zelfs een compleet hunebed, het meest noordelijke ooit in ons land gevonden, is in dit unieke museum te bewonderen. En wat te denken van een unieke collectie schelpen vanuit de hele wereld? Zelfs een doopvontschelp met een gewicht van maar liefst tweehonderd kilogram wordt er geëxposeerd. Gezien de relatief kleine afstand tussen de genoemde locaties is een bezoek aan de bunkers bij Fiemel en Delfzijl goed met elkaar te combineren. (#visitwadden)

Het meest noordelijke hunebed dat ooit in Nederland werd gevonden, is te bewonderen in het Muzeeaquarium te Delfzijl.

Foto boven: het Atlantikwall Centrum. Alle foto’s zijn gemaakt door Bos Media Services.

Reageer op dit artikel
Meer van Redactie Pluswijzer

Provincie Noord-Holland steekt 4,5 miljoen euro in zonne-energie

De provincie Noord-Holland investeert 4,5 miljoen euro in zonne-energieprojecten in de provincie....
Lees meer